De vier fasen van de DNA-persoonlijkheidstest

Fase 1: DNA

Ons DNA krijgen wij mee van onze ouders. Het is de blauwdruk voor alle stofjes die vrijkomen in onze hersenen en zorgt voor ons instinctieve, aangeboren gedrag. Dit gedrag komt ook in een professionele context tot uiting. Zo is er een substantiële bijdrage van ons DNA gevonden voor onder andere arbeidsethos, arbeidstevredenheid en ondernemerschap.

Fase 2: hechting

Onze hechting wordt ontwikkeld in de levensfase waarin we van anderen afhankelijk zijn. Dit is grofweg in de eerste drie jaar van ons leven. Hier leren we of we in de groep worden opgenomen en of we de groep kunnen vertrouwen. Dit leidt tot een zelfbeeld (Ben ik de moeite waard om voor te zorgen?) en een mensbeeld (Kan ik anderen vertrouwen om voor mij te zorgen?). Onze hechting speelt een belangrijke rol, omdat het gaat over samenwerken, durf, onderling vertrouwen en de bereidheid om bijvoorbeeld te delegeren.

Fase 3: persoonlijkheid

Onze persoonlijkheid ontwikkelen we tussen ons derde en 21e levensjaar. We ontdekken onze eigen voorkeuren ten opzichte van anderen in de sociale groep om ons heen. Het gaat om de vragen: “Wie ben ik?” en ”Waar voel ik me prettig bij?”. Persoonlijkheid is het patroon van gedachten, emoties, gevoelens en gedragingen dat een persoon kenmerkt. In een professionele context uit jouw persoonlijkheid zich in je drijfveren, motivaties en houding op de werkvloer. Kortom, een belangrijke factor om inzichtelijk te hebben.

Fase 4: professionele mindset

Onze professionele mindset ontstaat op het moment dat we voor het eerst gaan werken en ervaring opdoen in onze professionele rol. Deze fase begint rond het 21e levensjaar. Het gaat over de houding die we ontwikkelen ten opzichte van de taken binnen onze professionele context. Het is daarom belangrijk om de professionele mindset te meten met als uitgangspunt de professionele context waarin jij actief bent.

Bestel een DNA-test